Hilversum investeert in toekomstbestendige deelmobiliteit

16 maart 2026
Met de vaststelling van de Visie en het Uitvoeringsplan Deelmobiliteit 2026–2030 krijgt het delen van auto’s, fietsen en scooters een vaste plek in het mobiliteitssysteem van Hilversum. Hiermee wil de gemeente de parkeerdruk verlagen, duurzame mobiliteit stimuleren en de bereikbaarheid ervan voor inwoners verbeteren.

Minder parkeerdruk, meer leefruimte 

Hilversum groeit. Het aantal inwoners en werknemers neemt toe, terwijl de beschikbare ruimte beperkt is. Hierdoor staat de openbare ruimte onder druk en neemt de parkeerproblematiek toe. Ook is er minder ruimte voor groen, spelen en ontmoeting. Door het delen van voertuigen hebben sommige inwoners minder eigen auto’s nodig, wat zorgt voor minder auto’s op straat en meer ruimte voor een prettige leefomgeving. 

Edwin Göbbels, wethouder Mobiliteit: “Onze stad groeit, maar de ruimte niet. Met deelmobiliteit zorgen we ervoor dat we verstandig omgaan met de ruimte die we hebben. Minder auto’s op straat betekent meer plek voor groen, ontmoeting en veiligheid.”

Toegankelijke en duurzame mobiliteit

Met het nieuwe beleid kiest Hilversum voor een samenhangende aanpak. Daarbij kiest de gemeente voor een aantal uitgangspunten. Met deze maatregelen wil de gemeente duurzame vervoerskeuzes voor iedereen bereikbaar maken.

Zo komt er een deelauto binnen 300 meter loopafstand waar dit mogelijk is. Hilversum stimuleert het gebruik van deelfietsen en deelscooters als aanvulling op het openbaar vervoer. Er komen geclusterde parkeerplekken voor deelvoertuigen bij stations, het centrum en belangrijke voorzieningen en het gebruik van elektrische deelauto’s wordt actief gestimuleerd. Daarnaast is er extra aandacht voor toegankelijkheid tot deelvervoer voor inwoners met beperkte financiële middelen, digitale vaardigheden of fysieke mogelijkheden. Tot slot komt er in de komende jaren een proef met deelbakfietsen op specifieke locaties.   

Aansluiting op bestaand beleid

De visie deelmobiliteit sluit aan bij bestaande beleidskaders zoals de Omgevingsvisie, het Uitvoeringsprogramma Mobiliteit 2040 en het STOMP-principe. STOMP staat voor Stappen, Trappen, Openbaar vervoer, Mobility-as-a-Service en Privéauto. Het is een ordeningsprincipe dat helpt om keuzes in mobiliteit en ruimte te prioriteren. Dit principe stelt lopen, fietsen en openbaar vervoer centraal, met deelmobiliteit als belangrijke aanvulling. Door deze integrale aanpak draagt deelmobiliteit bij aan een gezond, veilig en toekomstbestendig mobiliteitssysteem. 

Regionale samenwerking

Hilversum werkt bij de uitvoering van de visie samen met vervoerders, marktpartijen en regionale partners. De gemeente werkt met omliggende gemeenten en provincies aan een regionaal deelfietsensysteem. Ook zijn aanbieders van deelmobiliteit betrokken bij de totstandkoming van het beleid. Na de samenvoeging met de gemeente Wijdemeren wordt het beleid verder afgestemd op de regionale mobiliteitsbehoefte.

Duidelijke doelen richting 2040

Met het uitvoeringsplan werkt Hilversum toe naar drie belangrijke doelen voor 2040. Allereerst aan minder geparkeerde auto’s op straat, waardoor meer ruimte voor groen en verblijf ontstaat. Daarnaast aan meer gebruik van gezonde en duurzame vervoersmiddelen en aan betere bereikbaarheid van voorzieningen en bedrijven voor alle inwoners, inclusief kwetsbare groepen. Deze ambities worden stapsgewijs gerealiseerd, met oog voor de huidige mobiliteitsgewoonten van inwoners.

Uitvoering en evaluatie

Het uitvoeringsplan 2026–2030 omvat concrete maatregelen, zoals het realiseren van deelmobiliteitslocaties, het uitbreiden van het aanbod en het organiseren van informatie- en stimuleringsacties. Er is jaarlijks monitoring van de voortgang. Op basis van deze evaluaties worden maatregelen waar nodig aangepast.

Voor de uitvoering van de plannen stelt de gemeente een eenmalig exploitatiebudget van € 245.000 beschikbaar in 2026. Daarnaast is er voor de periode van vijf jaar jaarlijks € 20.000 gereserveerd vanuit het Mobiliteitsfonds. De visie en het uitvoeringsplan worden dit voorjaar ter besluitvorming voorgelegd aan de gemeenteraad.