Advies Beleidsregels maatwerkvoorziening Huishoudelijke Hulp Hilversum

Dit advies is op 13 februari 2022 aan de gemeente Hilversum gegeven door de Adviesraad Sociaal Domein.

Aan het College van Burgemeester en Wethouders
Ter attentie van mw. K. Walters
Postbus 9900
1201 GM Hilversum


Hilversum, 13 februari 2022

Betreft: Beleidsregels Wmo maatwerkvoorziening Huishoudelijke Hulp gemeente Hilversum 2022


Geachte mw. Walters, geacht College van Burgemeester en Wethouders,

De Adviesraad Sociaal Domein Hilversum zendt u hierbij het gevraagde advies aangaande Beleidsregels Wmo maatwerkvoorziening Huishoudelijke Hulp gemeente Hilversum 2022.
                                    
Het betreft een op 18 januari 2022 gevraagd advies.

Mocht het advies vragen oproepen, dan is de Adviesraad graag bereid om deze te beantwoorden.

Met vriendelijke groet,
namens de Adviesraad Sociaal Domein Hilversum,

Mw. drs. H. Stuurwold,
Vicevoorzitter

 

I. Algemeen

Datum: 13 februari 2022
Wethouder: mw. K. Walters
Ambtenaar: dhr. R. Schouenberg, dhr. O. van Strien
Naam van het dossier: Beleidsregels maatwerkvoorziening Huishoudelijke Hulp Hilversum

Bijlage(n):
Deadline advies: 18 februari 2022

II. Status

Ter kennisname:
Gevraagd advies: ja

III. Besluitvorming door

Ambtelijk/management:
College: X
Gemeenteraad:

IV. Toelichting

Het advies betreft de aanpassing van de beleidsregels maatwerkvoorziening huishoudelijke hulp (HH) van de gemeente Hilversum als gevolg van het invoeren van een nieuw normenkader voor de indicatie van de benodigde hulp.

V. Inleiding

De Adviesraad Sociaal Domein Hilversum heeft in zijn vergadering van 20 januari 2022 gesproken over de voorgestelde aanpassing van de beleidsregels HH en verder telefonisch en per mail hierover overleg gehad. Hieronder treft u zijn op- en aanmerkingen, aanvullingen en adviezen aan.

VI. Algemene en inhoudelijke opmerkingen

1. Algemene opmerkingen

De gemeente wil voor de vaststelling van de hoeveelheid HH die iemand nodig heeft (indicatie) gebruik gaan maken van het normenkader van Bureau HHM/KPMG.

Bureau HHM heeft een gemiddelde cliënt geconstrueerd, die leeft in een nauwkeurig omschreven gemiddelde cliëntsituatie:

  • Een huishouden met 1 of 2 volwassenen zonder thuiswonende kinderen;
  • Wonend in een zelfstandige huisvestingssituatie, gelijkvloers of met een trap;
  • Er zijn geen huisdieren aanwezig die extra inzet van ondersteuning vragen;
  • De cliënt kan de woning dagelijks op orde houden (bijvoorbeeld aanrecht afnemen, algemeen opruimen) zodat deze gereed
  • Is voor de schoonmaak;
  • De cliënt heeft geen mogelijkheden om zelf bij te dragen aan de activiteiten die moeten worden uitgevoerd;
  • Er is geen ondersteuning vanuit mantelzorgers, netwerk en vrijwilligers bij activiteiten die moeten worden uitgevoerd;
  • Er zijn geen beperkingen of belemmeringen aan de orde bij de cliënt die maken dat de woning extra vervuilt of dat de woning extra schoon moet zijn;
  • De woning heeft geen uitzonderlijke inrichting en is niet extra bewerkelijk of extra omvangrijk.

Weinig of geen kwetsbare mensen zullen daaraan voldoen.

Bureau HHM geeft zelf aan dat voor het vaststellen van de gemiddelde tijden voor huishoudelijke activiteiten deze gebaseerd zijn “op tijdbestedingsonderzoek naar de verschillende activiteiten en een veelheid van verschillende omstandigheden en uitgevoerd door meerdere professionals. Om tot het normenkader te komen is hierbij uitgemiddeld. Dat betekent dat de tijden per activiteit niet mogen worden beschouwd als uitvoeringsnormen voor de praktijk”.

Bureau HHM geeft in de verantwoording van het gebruikte normenkader ook aan, dat de berekende gemiddelde tijden die voor elke activiteit (bijvoorbeeld vloer dweilen) binnen een taakveld (hier: schoon huis) alleen de aan de activiteit bestede minuten zijn geteld. Dus wel het dweilen van een vloer, maar niet het maken van het sop en het legen van de emmer en schoonmaken en uithangen van de dweil. Deze tijd is volgens Bureau HHM integraal onderdeel van het normenkader. Maar niet valt te achterhalen, wat daarvan de bijdrage is en op welke manier deze ‘overhead’ bijdraagt aan het geheel van de benodigde tijd.

De opmerking op pagina 1 van de beleidsregels: “het normenkader van HHM/KPMG is door de rechter getoetst en als rechtmatig beoordeeld;” is in zichzelf correct, maar mist een aanvulling: door de Centrale Raad van Beroep is zeer duidelijk benoemd dat grondig onderzoek van de persoonlijke situatie van de cliënt en leefomstandigheden nodig zijn (keukentafelgesprek, dus in een thuisbezoek) en de toegekende hulp daarop moet worden aangepast; dat wil zeggen er moet maatwerk geleverd worden bij het toekennen van hulp en ondersteuning.  Het normenkader geeft daarvoor slechts handvatten en is niet het uitgangspunt. Het uitgangspunt is de inwoner met een hulpvraag.

Advies van de Adviesraad:
Zie het normenkader niet als een vaststaand gebouw, maar als een richtlijn. Alleen door een gesprek met een inwoner die hulp vraagt te voeren kan vastgesteld worden wat werkelijk nodig is en moet de ‘norm’ aangepast worden: maatwerk.

Advies van de Adviesraad:
Het uitgangspunt moet ook bij gebruik van dit normenkader de inwoner met zijn hulpvraag zijn en niet een afvinklijstje: dan pas krijg je maatwerk.

2. Inhoudelijke opmerkingen

Bij artikel 1.1:
Het doel van de Wmo is langer thuis kunnen blijven wonen te faciliteren door zelfredzaamheid en participatie te bevorderen. Het voeren van een gestructureerd huishouden is daarvan een onderdeel waarbij de gemeente moet ondersteunen; het is niet het doel van de Wmo.

Bij artikel 1.1.1:
Wat zijn “algemene maatstaven aanvaardbare hygiënestandaard voor bewoning”? De Adviesraad begrijpt dat dit een moeilijk te definiëren begrip is, maar vraagt zich af of met de hier genoemde richtlijnen een hygiënisch huis bereikt wordt. Het RIVM geeft op zijn website (www.RIVM.nl/hygiene) uitvoerig uitleg over hygiëne en hoe voldoende hygiëne te bereiken.

Advies van de Adviesraad:
Schoonmaken van sanitair en keuken zijn (zie RIVM) geen uitstelbare taken en in geval van zieken of bedlegerige personen is het dagelijks verschonen van bedden geen uitstelbare taak. Tekst hierop aanpassen.

Advies van de Adviesraad:
Van de andere taken moet in overleg met de inwoner met een hulpvraag worden vastgesteld of af en toe uitstel mogelijk is: maatwerk. Tekst hierop aanpassen.

Bij artikel 1.1.2
In de beleidsregels staat “Bepaalde onderdelen van huishoudelijke hulp (zoals maaltijdverzorging of organisatie van het huishouden) worden mogelijk al uitgevoerd via bijvoorbeeld de wijkzorg. Dit valt niet onder de wijkzorg, maar onder de Wmo (Zie ook: Atlas van de Zorg).

Advies van de Adviesraad:
Maaltijdverzorging of organisatie van het huishouden worden vanuit de Wmo geïndiceerd als zij nodig zijn voor het leveren van goed maatwerk.

Bij artikel 2.1
“De gemeente neemt niet automatisch taken en verantwoordelijkheden van de inwoner over” is een wat vreemde formulering. Nee, de gemeente biedt niet iedereen hulp aan, maar wacht of een inwoner met een vraag om hulp komt en bekijkt dan of en wat nodig is aan ondersteuning.

“Het gaat bij eigen mogelijkheden om eigen kracht, gebruikelijke hulp, sociaal netwerk en algemeen gebruikelijke voorzieningen.” Het is beslist niet zo, dat iedere inwoner met een hulpvraag beschikt over eigen kracht, gebruikelijke hulp, sociaal netwerk.

Advies van de Adviesraad:
Zin wijzigen in: Het gaat bij eigen mogelijkheden om voor zover aanwezig eigen kracht, gebruikelijke hulp, sociaal netwerk en algemeen gebruikelijke voorzieningen.

Bij artikel 2.1.1
In de derde alinea wordt gesproken over aanleren van vaardigheden; dat kan ook alleen voor zover dat mogelijk is.

Bij artikel 2.1.2
Hier staat dat ook een huurder van een kamer een bijdrage in het huishouden (van de verhuurder) kan worden verwacht. Dit klopt niet: Volgens de Wmo 2015: Bijlage Richtlijn Gebruikelijke Hulp1 behoort een kamerhuurder niet tot een leefeenheid in de woning war hij zijn kamer huurt.

Advies van de Adviesraad:
Zin verwijderen.

Bij artikel 2.1.3
De Adviesraad heeft zich verwonderd over de zinsnede 'terbeschikkingstelling van praktische gebruiksmiddelen, zoals een robotstofzuiger', die naar de mening van de adviesraad ten onrechte weer wordt voorgesteld voor opname in de beleidsregels.
Naar aanleiding van ons vorige advies over de beleidsregels van 17 maart 2020 is de robotstofzuiger aan de orde geweest. De beleidsregels zijn daarop veranderd in wat nu weer wordt voorgesteld. Argumentatie van het College was, dat er creatief gedacht moet worden.

Een robotstofzuiger is mogelijk een creatieve gedachte, maar het gaat met name om 'het ter beschikking stellen'. Het College verwacht kennelijk dat mensen elkaar praktische gebruiksmiddelen gaan schenken of lenen. Een vreemd idee, dat de kwetsbare buur het vaatdoekje en de afwasborstel van de buren te leen krijgt.

Advies van de Adviesraad:
Deze zinsnede verwijderen. Er mag best creatief gedacht worden, maar wel op een manier die rekening houdt met de waardigheid van de kwetsbare mens en de realiteit.

Bij artikel 3.1
“Afhankelijk van de benodigde ondersteuning bestaat de mogelijkheid om de huishoudelijke hulp niet wekelijks maar tweewekelijks in zetten, wanneer dit in de betreffende situatie efficiënter en/of effectiever is.”

Advies van de Adviesraad:
Dit mag alleen gebeuren in overleg met de inwoner met een hulpvraag. Het is zijn/haar huishouden en de inwoner moet zoveel mogelijk zelfredzaam en dus zelfstandig blijven. Aan deze zin toevoegen: in overleg met de inwoner met een hulpvraag.

Ofschoon in de beleidsregel hieraan geen aandacht wordt besteed, wil de Adviesraad nog weer een keer erop wijzen, dat signalering van escalatie van problemen bij een kwetsbare inwoner die alleen ondersteuning in de vorm van HH krijgt, een belangrijke preventieve taak van de hulpverlener is. De Adviesraad meent dat maatwerk inhoudt dat hier altijd ruimte voor moet zijn bij de indicatie.

“De basisnorm voor de uitvoerende schoonmaakwerkzaamheden (huishouden met 1 of 2 volwassenen zonder thuiswonende kinderen)…” benoemt slechts één deel van de acht onderdelen die door Bureau HHM worden genoemd als uitgangspunt van ‘de gemiddelde cliëntsituatie’, waarvoor de basisnorm 125 minuten/week is.

Advies van de Adviesraad:
Tekst hierop aanpassen door benoeming van alle 8 onderdelen van de beschrijving van die geconstrueerde (dus hypothetische) gemiddelde cliëntsituatie, zoals genoemd is.

“In geval van zorg in natura dient de aanbieder wel te zorgen voor vervanging van de (vaste) hulpkracht,…)

Ofschoon het hier ‘uitvoering’ betreft wil de Adviesraad opmerken dat de verschillende aanbieders daarop nadrukkelijk gewezen moeten worden. Dit zo opnemen in de Beleidsregels vormt geen garantie voor de beoogde uitvoering.

“Babyvoeding: flesje/borstvoeding”
Afgezien van het feit dat het vaak langer duurt dan hier vermeld staat om een kind te voeden, lijkt het onwaarschijnlijk dat de hulp borstvoeding gaat geven. De MO-zaak heeft indertijd een fout gemaakt bij het overnemen van de indictie-normen van het CIZ.

Advies van de Adviesraad:
Tekst aanpassen.

Bij artikel 4.1
“-een overgangsperiode van 3 maanden bij een vermindering van de omvang van de indicatie”

Al sinds 2007 wordt in de verordeningen en beleidsregels vermeld, dat in gesprek wordt vastgesteld welke zorg werkelijk nodig is.

De Adviesraad vraagt hoe er nu dan een vermindering van de toegekende zorg mogelijk kan zijn voor mensen die al geïndiceerd zijn en waarvan de situatie niet of nauwelijks veranderd is. Zoals het hier staat, impliceert dit kritiek op ‘de uitvoering’.

3. Uitleg over het advies

Het advies gaat op sommige onderdelen wat dieper in op de voorgelegde concept beleidsregels. De Adviesraad vindt dit echter belangrijk, omdat het bijdraagt aan de inzichtelijkheid van hoe tot het advies is gekomen.

Getracht is het advies alleen te beperken tot het beleid, maar op een enkele plaats waar ook de conceptbeleidsregels raken aan de uitvoering is daar om die reden van afgeweken.

VII. Advies

De Adviesraad Sociaal Domein Hilversum adviseert positief over de voorgelegde concept Beleidsregels maatwerkvoorziening Huishoudelijke Hulp Hilversum 2022 met inachtneming van de hierboven gegeven adviezen en de nog te beantwoorden vragen.

VIII. Stemming en oordeelsvorming

Stemming: via mail
Oordeelsvorming: in vergadering en via mail

IX. Handtekening voorzitter

Namens de Adviesraad Sociaal Domein Hilversum
Mw. drs. H. Stuurwold,
Vicevoorzitter

Bijlage richtlijn gebruikelijke hulp. De leefeenheid waartoe cliënt behoort, bestaat, gelet op artikel 1.1.1 Wmo 2015, uit de: echtgenoot, ouders, inwonende kinderen, of andere huisgenoten waarmee cliënt een gezamenlijke huishouding voert. En: Het begrip gezamenlijke huishouding heeft betekenis in relatie tot ‘andere huisgenoten’. Hiermee is bedoeld om bijvoorbeeld kamerhuurders uit te sluiten of personen die omwille van hun zorgbehoefte op een adres ieder zelfstandig wonen.